Nooit zonder hoop
Esther Veerman heeft haar hele leven geschilderd. Na haar overlijden in 2024 liet ze meer dan 120 werken na, los van de talloze schetsboeken waar ze ook vele werken en schetsen in had gemaakt. Naast schilderijen en tekeningen heeft ze gedurende haar leven ook veel gedichten geschreven.
Voor de tentoonstelling in het Sliedrechts Museum hebben we een aantal werken uitgekozen aan de hand waarvan we iets van haar leven hebben verteld. We kozen voor drie thema’s die als een rode draad door Esthers geschiedenis liepen: haar creativiteit waar ze op verschillende manieren uiting aan gaf, het misbruik dat in haar jeugd plaatsvond en waar ze haar leven lang de gevolgen van ondervond, en tot slot haar hoop.
Deze hoop hielp haar door diepe dalen heen, en was een bron voor moed en kracht. Het was ook deze hoop waardoor ze zich ging inzetten voor anderen om haar geschiedenis ten goede te keren. Dat is de reden waarom ze in 2011 de stichting Kunst uit geweld oprichtte. Het was haar levenswerk.
Haar visie achter ‘Kunst uit geweld’ was dat ervaringskunst iets kan vertellen waar nauwelijks of geen woorden voor zijn, zoals de pijn en eenzaamheid van misbruik en geweld. De kunst brengt aan het licht waar taal tekort schiet en doorbreekt daarmee de verpletterende en isolerende stilte.
Esther was ervan overtuigd dat deze kunstwerken niet alleen de pijn en ernst van misbruik laten zien, maar ook met name de kwetsbare kracht van kunstenaars en het moedige verlangen om voorbij deze verhalen van verschrikking weer te durven léven. Het doorbreken van de stilte, het vertellen van het verhaal is voorwaarde om de weg van herstel te gaan. Het maken en delen van kunst kan helpend zijn bij het uiten van wat zo diep verborgen zit om zo die weg te gaan.
De tentoonstelling was tot zaterdag 27 september te zien. We zijn dankbaar dat we de gelegenheid kregen om haar werk de aandacht te geven die het verdient.
Tunnel is een van de eerste werken van Esther, die zij in de jaren van geregelde en soms langdurige opnames in de psychiatrie gemaakt heeft. Het is ook opgenomen in haar boek Nooit meer kwijt.
Het werk verhaalt van haar worsteling om te beginnen met vertellen. De liggende gestalte is gewond en kan niet meer verder. De troostende gestalte lijkt lucht te geven, maar de tunnel lijkt te massief, te sterk om er uit te kunnen komen. Het gezicht duwt tegen de onzichtbare grens, maar kan er niet doorheen breken.
Flight from Traumaland
Esther schreef over dit werk: “Moeder en kinderen laten het land van ellende achter zich. Zij dragen de trauma’s op hun lichaam, de verhalen hebben hen getekend – zelfs het jongste kind is al getekend. Toch is de blik gericht op een nieuwe toekomst, weg van het land van trauma, weg uit traumaland.”
Dit schilderij Engel in kleur was voor Esther een betekenisvol schilderij. De engel draagt een gestalte. Zo heeft Esther zichzelf soms gevoeld: weggedragen uit levensbedreigende omstandigheden naar een plaats waar ze geborgenheid en troost ervaarde. Het gaf haar de moed om te blijven hopen, de kracht om vol te houden.



